Reconstructie van de
Wrotham formatie van 2000 |
|
| 1. |
 |
Begin met de constructie van een gelijkzijdige driehoek. |
|
| 2. |
 |
Teken drie cirkels met het middelpunt in de hoekpunten
van de driehoek en rakend aan de overliggende zijden. |
|
| 3. |
 |
Verwijder die delen van deze cirkels, die buiten de
driehoek vallen. |
|
| 4. |
 |
Teken weer drie cirkels, nu met het middelpunt op de middens van
de zijden van de driehoek en rakend aan de grote cirkels van stap 2. |
|
| 5. |
 |
Teken, weer met het middelpunt op de middens van de zijden,
drie kleinere cirkels, die raken aan de andere twee
cirkels van de vorige stap. |
|
| 6. |
 |
Teken, zoals in stap 2, cirkels met het middelpunt in de hoekpunten van de driehoek, die telkens twee kleinere cirkels aan de achterkant raken. |
|
| 7. |
 |
En verwijder ook van deze cirkels alles wat buiten de
driehoek valt. |
|
| 8. |
 |
Verwijder van de cirkels uit stap 4 en 5 alles wat binnen
de driehoek ligt, en verwijder vervolgens de driehoek zelf. |
|
| 9. |
 |
Verwijder tenslotte telkens twee van de vier kruisende lijnen,
zodat het patroon van de gevlochten Keltische knoop ontstaat. |
|
| 10. |
 Met dank aan
The Crop Circle Connector
Foto door:
Andrew King |
De uiteindelijke reconstructie past netjes op de foto. |
|
|
Ik heb gezocht naar wiskundige formules met een grafische
representatie, die lijkt op het patroon van de Wrotham formatie.
Ik heb de volgende tamelijk ingewikkelde formules gevonden.
|
|
xi =
r1
cos φi
|
(1) |
|
yi =
r1
sin φi | (2) |
|
ui = xi +
r2
cos –a·φi | (3) |
|
vi = yi +
r2
sin –a·φi | (4) |
|
pi = xi +
c·r2
cos –a·φi | (5) |
|
qi = yi +
c·r2
sin –a·φi | (6) |
|
|
Als voor de parameters de volgende waarden worden gekozen:
|
|
a = 2
| |
|
b = 2.6
| |
|
c = 0.55
| |
|
r2 = b·r1
| |
|
φi = 0,...,2π
| |
genereren de formules dit patroon:
|
|
|
|
De volgende figuren kunnen helpen te volgen wat er gebeurt:
|
|
| 11. |
 |
Formules (1) and (2) beschrijven een punt A
(xi,yi) dat
"rondloopt" op een cirkel met straal r1.
Elke positie van punt A wordt bepaald door de waarde van φ;
φ loopt linksom (tegen de wijzers van de klok in). |
|
| 12. |
 |
Punt A is het middelpunt van een andere cirkel met een straal
r2 (= 2.6 keer r1).
Een punt B(ui,vi)
loopt rond op deze tweede cirkel, in tegenovergestelde richting, en twee
keer zo snel (formules (3) en (4)). |
|
| 13. |
 |
Het pad dat punt B aflegt komt overeen met de buitenkant van
het patroon van de Keltische knoop.
De laatste twee formules (5) en (6) vormen de binnenkant;
het is het pad van een
punt C (pi,qi),
dat op een zekere afstand (0.55 keer r2)
ligt van punt A op dezelfde straal als punt B. |
|
|
|
|
Copyright © 2000, Zef Damen, Nederland Alleen voor persoonlijk gebruik, commercieel gebruik niet toegestaan.
|
 Sinds 1-februari-2005
|
|